Bachelor of Science in de Bio-ingenieurswetenschappen

Ingenieur van de levende materie

Combineer jij wetenschappelijke inzichten met ingenieurstechnieken?

Als bio-ingenieur ga je interessante eigenschappen of metabolismen bij planten, dieren en microorganismen in een andere context gebruiken om zo onze levenskwaliteit te verhogen. Je kan daarbij ingrijpen op de natuur door genen en moleculen te modelleren naar onze behoeften of je kan die nuttige eigenschappen gaan nabootsen op een heel ander terrein. Ideaal bezit de bio-ingenieur een stevige portie creativiteit en een gezonde interesse in alle wetenschappelijke vakken gaande van wiskunde tot biologie, chemie en fysica.

Ingenieur van de levende materie
Een bio-ingenieur speelt een essentiële rol in het duurzaam toepassen van kennis over de levende wereld in dienst van de industrie en de maatschappij. Al eeuwen selecteren en kruisen bio-ingenieurs avant la lettre gewassen en vee om de voedselproductie te verbeteren en te vergroten. In de ketels van de brouwerij broeit het van micro-organismen die graan en water omzetten in bier. In waspoeders krioelt het van enzymen die onze kledij schoon moeten maken. Vaccins worden ontwikkeld op basis van nieuwe inzichten in de werking en de eigenschappen van eiwitten. De hedendaagse bio-ingenieur bouwt voort op de meest fascinerende wetenschapsgebieden van de biotechnologie van de laatste decennia om nieuwe toepassingen te ontwikkelen.

Gentechnologie en chemie
De gentechnologie stelt ons in staat om geneesmiddelen te ontwikkelen op basis van nieuwe inzichten in moleculaire processen. Deze technologie laat eveneens toe nieuwe varianten van planten- en diersoorten, alsook levensmiddelen te produceren met eigenschappen die onmogelijk door kruising en veredeling of klassieke procestechnologie verkregen kunnen worden. Ook in de chemie en de zorg voor milieu en klimaat worden steeds meer biotechnologische processen toegepast.

Impact van biotechnologie op de toekomst
Je kan er niet omheen: de biotechnologie heeft een toenemende impact op het bedrijfsleven, de maatschappij, de wereldvoedselmarkt en op het milieu en de gezondheid van mens en dier. Daarom wordt in de opleiding tot bioingenieur niet alleen de biologische en ingenieurtechnische kant van de levende materie bekeken maar wordt ook de nodige aandacht besteed aan economie, kwaliteit en veiligheid en aan de ethische en maatschappelijke aspecten van de biotechnologie.

 

Infomomenten

Een keuze maken is niet voor iedereen even gemakkelijk. Kom eens langs op een infodag en spreek met een prof. Of met een van onze studenten. Proef de sfeer op de campus. Dan weet je het pas zeker. Want ook waar je gaat studeren speelt een belangrijke rol. Kijk op www.vub.ac.be/infomomenten om te weten wanneer je langs kan komen.

Blik op je bachelor

Je vraagt je natuurlijk af welke vakken je allemaal krijgt. In het derde bachelorjaar kies je uit 2 profielen: Cel-en Genbiotechnologie of Chemie en Bioprocestechnologie
Je neemt geen genoegen met het louter begrijpen hoe wetenschappen de spelregels van de natuur weergeven. Je wil er namelijk op ingrijpen en modelleren naar de wensen van de samenleving.

Een overzicht van vakken uit de bachelor, profiel chemie en bioprocestechnologie vind je hier en profiel cel- en genbiotechnologie vind je hier.

Een woordje uitleg over:

Biochemie

In ons lichaam, net als in planten, dieren en al wat leeft, heerst voortdurend een drukte van jewelste. We maken voortdurend nieuwe cellen aan, houden onze lichaamstemperatuur op peil, transporteren zuurstof en andere levensnoodzakelijke stoffen doorheen ons lichaam, verdedigen ons tegen indringers zoals virussen en bacteriën... Duizenden reacties op hetzelfde moment en dat terwijl je rustig een boek leest of televisie kijkt. Enzymen maken al deze bioreacties mogelijk. Als echte biokatalysatoren zorgen ze voor een vlot en snel verloop van alle levensprocessen. Prof. Jan Steyaert en zijn team willen alles te weten komen over enzymatische katalyse. Katalyse, het versnellen of vertragen van (bio)-chemische processen, is zonder meer de belangrijkste functionele eigenschap van enzymen. Prof. Steyaert doceert het vak Biochemie in het tweede jaar van je opleiding Bioingenieurswetenschappen.

G-eiwit gekoppelde receptoren als voelsprieten van de cel

Planten en dieren zijn opgebouwd uit miljarden cellen. Om het organisme optimaal te laten werken, moeten cellen informatie krijgen van hun omgeving en van elkaar. Zoals wij zien met onze ogen en ruiken met onze neus, hebben cellen een gelijkaardig mechanisme om hormonen en kleine moleculen waar te nemen. Deze zintuigen aan de buitenkant van de cel worden receptoren genoemd. G-eiwit gekoppelde receptoren vormen een groep binnen de receptoren die in staan voor belangrijke levensprocessen. De Nobelprijs voor Chemie werd in 2012 uitgereikt aan Prof. Brian Kobilka en Prof. Robert Lefkowitz voor de ontdekking van de G-eiwit gekoppelde receptoren. In het baanbrekend werk waarbij de structuur van de receptor werd ontdekt, was het team van prof. Jan Steyaert (Structurele Biologie) betrokken. Hun resultaten leidden tot 2 gezamelijke publicaties in het gezaghebbende tijdschrift Nature.

Immunologie

Prof. Jo Van Ginderachter onderzoekt de taakverdeling tussen de verschillende cellen van het immuunsysteem. Hij doceert het tweedejaarsvak Immunologie in de opleiding Bio-ingenieurswetenschappen. Het immuunsysteem zorgt ervoor dat indringers zoals virussen, bacteriën en parasieten worden opgeruimd. Het treedt ook op tegen kankercellen. Maar als de natuurlijke afweer van het lichaam tekort schiet, dan kunnen infectieziektes uitbreken of kunnen kankercellen uitgroeien tot tumoren. In sommige gevallen kunnen cellen van het immuunsysteem zelfs tumorgroei stimuleren. Boodschappermoleculen en receptoren aan de oppervlakte van de cellen bepalen welke functies de cellen uitvoeren. Het onderzoek van Van Ginderachter en zijn medewerkers is erop gericht om de informatie over de boodschappermoleculen en de receptoren af te lezen en te gebruiken om het stadium te bepalen waarin een ziekte zich bevindt en de rol van de afweercellen daarin te begrijpen. Dit is belangrijke informatie bij het bepalen van de geschikte therapie, bijvoorbeeld voor kanker, de Afrikaanse slaapziekte of chronische ontstekingsziektes.

Industriële voedingsbiotechnologie

De gezondste yoghurt, de geurigste kaas, de smakelijkste worst, het lekkerste brood en de beste chocolade ontwikkelen. Die fijne taak heeft professor Luc De Vuyst, hoofd van de onderzoeksgroep Industriële Microbiologie en Voedingsbiotechnologie (IMDO). De Vuyst en zijn onderzoekers gaan op zoek naar de bacteriën die in een traditioneel fermentatieproces de meest optimale smaak, geur en textuur van al deze dagelijkse lekkernijen garanderen. Een zoektocht die hen van Brussel tot in Afrika, Latijns-Amerika en Zuidoost-Azië brengt. “We willen begrijpen wat er gebeurt bij fermentaties en daarom moeten we het ook testen. Van onderzoekers die heel de keten beheersen, van het verzamelen en analyseren van stalen tot het produceren en proeven, zijn we één van de enigen in Europa. Onze slogan is: lekker en gezond! Zo reisden onze onderzoekers naar Ghana om er samen met de lokale cacaoboeren in de jungle het fermentatieproces te bestuderen. Wij kijken hoe we kunnen inspelen op het fermentatieproces van cacaobonen niet alleen om meer aroma’s en smaakstoffen te genereren, maar ook om bijvoorbeeld bittere polyfenolen, die gezondheidsbevorderende bestanddelen zijn, zoals aanwezig in thee en rode wijn, over te houden. Je kan dus de finale smaak van de chocolade bepalen door in te grijpen op het fermentatieproces, door je startercultuur juist te kiezen” Prof. De Vuyst doceert het vak Industriële voedingsbiotechnologie. Naast hoorcolleges neemt hij je mee op allerlei excursies. Tijdens twee volle dagen wordt een bezoek gebracht aan voedingsbedrijven uit de zuivelsector (kaas- en boterproductie), vleessector  (gefermenteerde worst- en zoutwarenproductie), brouwerijsector (lage- en hogegistingsbieren) en/of chocoladesector. Op het programma staat ook een namiddag zuurdesem-degustatie in een bedrijf uit de bakkerijsector en een namiddag bierdegustatie gegeven door een persoon uit de brouwerijsector.

Wiskunde: algebra, analyse en meetkunde

Dit vak start met een herhaling van belangrijke wiskundige basiskennis en –vaardigheden rond getallen en functies, limieten, afgeleiden, onbepaalde integralen, bewijstechnieken, verzamelingen, stelsels en matrices, ruimtemeetkunde. De lineaire algebra wordt verder uitgediept met een studie van eigenwaarden en eigenvectoren. Een techniek om vierkante matrices te diagonaliseren wordt behandeld alsook een toepassing uit de populatiedynamica. Differentiaalvergelijkingen hebben een onmiskenbaar belang in de beschrijving van natuurfenomenen. In dit opleidingsonderdeel maken we kennis met deze vergelijkingen en bespreken oplossingsmethodes.

 

Industriële stage en bedrijfsbezoeken

Aan de VUB is de bedrijfsstage een verplicht studiedeel voor alle studenten Bioingenieur. In de praktijk wordt minimaal één maand stage gelopen in een bedrijf.

Daarnaast worden er regelmatig bedrijven bezocht in het kader van de industriële opleidingsonderdelen.

Foto: Bedrijfsbezoek aan Puratos met 3de Bachelor of Science in de Bio-ingenieurswetenschappen.

Voorbereidingsactiviteiten

Ben je niet zo zeker van je stuk? Heb ik wel genoeg wiskunde en chemie gehad? Om optimaal aan je opleiding te starten, kan je een aantal voorbereidingscursussen volgen om je kennis van het secundair onderwijs op te frissen. Voor Bio-ingenieurswetenschappen ben je welkom op de voorbereidingscursussen Chemie, Fysica en Wiskunde. En met de zelftests weet je precies hoe je er voor staat! Schrijf je hier in: www.vub.ac.be/voorbereiden

Doe grootse dingen met kleine elementen.

Je hart klopt even snel voor biologie, chemie, fysica als wiskunde. Toch neem je geen genoegen met louter begrijpen hoe die wetenschappen de spelregels van de natuur weergeven. Je neemt de dingen namelijk niet zoals ze zijn, maar wil erop ingrijpen ten dienste van samenleving en industrie. Klinkt herkenbaar? Dat treft, want als bioingenieur zit je gebeiteld om grootse dingen te doen.

Wellicht zit je met je voorliefde voor wetenschap niet te wachten op een stukje geschiedenis. Maar toch goed om weten: de opleiding bioingenieurswetenschappen aan de VUB is geen nazaat van de opleiding “Landbouwingenieur”. De oorsprong ligt bij het Instituut voor Moleculaire Biologie. De klemtoon ligt daarom op het moleculaire, gentechnologische en toegepaste aspect. Je leert hier dus grootse dingen te doen met de allerkleinste puzzelstukjes van het leven.

          “Je doet al gauw nog een ontdekking van formaat.”

Kleine stap richting lab. Grote stap richting expertise.

Bij de start van je bachelortraject kweek je een prima basis van bekend in de oren klinkende wiskundige en natuurwetenschappelijke vakken. De levende cel is dan wel piepklein, maar er gaat ontzettend veel activiteit in om. Die biochemische processen ontrafelen en doorgronden, leer je in dat eerste jaar. Je doet al gauw nog een ontdekking van formaat: dat het verdraaid handig is als alle leslokalen en laboratoria knus bijeen op dezelfde campus liggen. Bovendien kom je zo veel in contact met studenten van andere wetenschappelijke richtingen. Dit leidt later vaak tot mooie kruisbestuivingen op onderzoeksniveau. Je vindt in die toplabo’s vlot je draai, want je lost je eerste biotechnologische vraagstukken op en leert omgaan met geavanceerde apparatuur.

          “Die nieuwe werelden verken je niet alleen in je cursussen.”

Van petrischaal tot grote schaal.

In jaar twee en drie trek je het register biotechnologische wetenschappen volledig open. En òf je leert ingrijpen op de natuur. Want door fundamentele kennis over nucleïnezuren, proteïnen en de moleculaire opbouw van micro- en meercellige organismen op te doen, leer je bvb. kloneringstechnieken aan. Waar je ook zeker kennis mee maakt: celbiologie, immunologie, voedingsleer, voedingsbiotechnologie en milieutechnologie. Die nieuwe werelden verken je niet alleen in je cursussen. Je creëert ze zelf, door in het labo complexe maar vooral de meest geavanceerde biotechnologische moleculaire methoden en technieken toe te passen. Dat gebeurt in kleine groepjes, zodat iedereen om beurt deelnemer en toeschouwer is. Want aan de VUB zijn practica nog practica. En dat is een enorme meerwaarde, als je een opleiding volgt die fundamentele kennis van biologische systemen combineert met ingenieurtechnische vaardigheden. Een goed voorbeeld: wil je later de industriële sector in, dan zal je daar niet zozeer met petrischaaltjes aan de slag gaan. De oplossingen waar je in die context mee zal werken, worden niet in milliliters uitgedrukt. Roeren, opwarmen en afkoelen is net iets ingewikkelder als het om vaten van een paar duizend liter
gaat… Dankzij de opleidingsonderdelen Ingenieurstechnieken in je tweede en derde bachelorjaar krijg je daar dus, euh, vat op.

          “Merk je trouwens dat onderzoek helemaal je ding is?”

Leven in de brouwerij. Of antilichamen in de kameel.

De link met je postacademische toekomst wordt steeds sterker. In je laatste bachelorjaar kan je al een voorlopige keuze maken tussen twee profielen die aansluiten bij de grote toepassingsdomeinen binnen de moderne biotechnologie: Chemie en Bioprocestechnologie, of Cel- en Genbiotechnologie. Definitief kiezen welke van beide kanten je opgaat doe je wanneer je je tweejarige master aanvat. Bijzonder bedrijvige jaren worden dat. Je krijgt nog steeds algemeen vormende en verdiepende vakken, maar ook bedrijfskunde en intellectueel eigendomsrecht passeren de revue. Nuttige kennis om je weg te vinden in een biogebaseerde economie. Hetzelfde geldt voor je bedrijfsstage: breng leven in een echte brouwerij of maak aspirine in grote volumes. Kroon op het werk: je masterproef, op basis van academisch onderzoek. Merk je trouwens dat onderzoek helemaal je ding is? Je bent aan de VUB in goed gezelschap. Zo werkte een van onze onderzoeksteams mee aan baanbrekende ontdekkingen die bekroond werden met de Nobelprijs Scheikunde. Of zo kwam een van onze professoren er samen met zijn studenten tijdens een labo per toeval achter dat kamelen uitzonderlijke antilichamen bezitten. Of de aanwezigen zich toen een bult schrokken, is helaas niet geweten.

Wist je dat…

  • De studentenkringen Biotecho en de Wetenschappelijke Kring er niet alleen zijn om feestjes te bouwen maar ook om je studietips te geven tijdens het jaar en voor de examens?
  • Je ook naar het buitenland kan via het Erasmusprogramma tijdens je studies Bio-ingenieurswetenschappen aan de VUB? Ofwel kies je om het laatste semester van je bachelor te volgen aan een Europese universiteit, ofwel ga je voor je masterproef (tweede masterjaar) naar een universitair laboratorium in het buitenland. Je kan ook voor je stage kiezen voor een bedrijf in het buitenland.
  • Er dankzij de kleine groepen studenten heel veel practica doorgaan in hoogtechnologische labo’s waar onderzoekers dagdagelijks in werken?
  • De Vrije Universiteit Brussel een voortrekkersrol speelde in het Vlaamse ‘biotechnologie’-onderwijs? Door als eerste te starten met een programma dat leidde tot het diploma van “Ingenieur voor de Scheikunde en de Landbouwindustrieën – Specialisatie Biotechnologie”.
  • De kwaliteit van het onderzoek binnen de vakgroep Bio-ingenieurswetenschappen zich onder andere weerspiegelt in de samenwerking met het VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie) en de industrie?
  • Aan de Vrije Universiteit Brussel de bedrijfsstage een verplicht opleidingsonderdeel is voor alle studenten Bio-ingenieur? Zo krijg je voeling met de bedrijfsstructuren, de bedrijfsmentatliteit en de verschillende functies die een bio-ingenieur kan vervullen.
  • Het diploma Bio-ingenieur in de top 10 van diploma’s staat die het snelst naar werk leiden? (bron: VDAB, Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen)

 

Exchange programmes

Wist je dat je ook naar het buitenland kan tijdens je studies Bio-ingenieurswetenschappen aan de VUB? Dit kan via het bekende Erasmus+ programma, maar ook via een hele rist andere mogelijkheden binnen en buiten Europa. Ofwel kies je om het laatste semester van je bachelor te volgen aan een Europese universiteit, ofwel ga je voor je masterproef (tweede masterjaar) naar een universitair laboratorium in het buitenland. Je kan ook voor je stage kiezen voor een bedrijf in het buitenland.

Internationaal erkende ingenieurstitel

Met een bachelordiploma in de Bio-ingenieurswetenschappen beheers je de basisvaardigheden die noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van een nieuw biotechnologisch proces. En met een masterdiploma ben je in staat die basiskennis om te zetten in de praktijk. Als je de bachelor- en masteropleiding gevolgd hebt, krijg je de wettelijke academische ingenieurstitel. De titel van ingenieur is internationaal erkend en geeft aan dat je een wetenschappelijke en technische opleiding hebt afgerond.

Binnen deze opleiding kan je op Erasmus-uitwisseling naar:

Hongarije

Polen

Spanje

Wens je meer info? Contacteer de exchange coördinator van onze vakgroep: Prof. Dr. Ir. Stefan Weckx

 

Meesterlijk door je master

Na het behalen van je bachelordiploma in de Bio-ingenieurswetenschappen heb je rechtstreekse toegang tot twee masteropleidingen: Cel- en Genbiotechnologie enerzijds en Chemie en Bioprocestechnologie anderzijds. Bij beide masters heb je de keuze uit 3 afstudeerrichtingen zodat je je verder kan specialiseren in je interessegebied.

Drie afstudeerrichtingen in de Master Bio-ingenieurswetenschappen in Chemie en Bioprocestechnologie:

Voedingsbiotechnologie

Hier ligt de nadruk op de fundamentele studie en toepassingen van de productieprocessen in de voedingsindustrie, de agrochemie en de chemische en farmaceutische industrie. Trends zoals predictieve microbiologie en functionele levensmiddelen komen er aan bod.

Biochemische biotechnologie

Deze richting heeft bijzondere aandacht voor de industriële bio-organische chemie, de toepassingen van biomoleculair ontwerp en het gebruik van katalyse. Het gebruik van technieken met hoge doorvoer komt er aan bod, net als de gevorderde analyse en modellering van biomoleculaire systemen.

Chemische biotechnologie

Men gaat dieper in op de industriële bio-organische chemie en polymeerchemie, met het accent op het analyseren en modelleren van biomoleculaire systemen.

Meer info over de masteropleiding vind je hier.

Drie afstudeerrichtingen in de Master Bio-ingenieurswetenschappen in Cel- en Genbiotechnologie:

Moleculaire biotechnologie

Hier ligt het accent op moleculaire en cellulaire biologie van micro-organismen, dieren en planten. De kennis van biomoleculaire technologieën, cel- en weefselkweek, recombinant DNA-technologie en genoomanalyse wordt verder uitgediept. Dit met het oog op de gerichte aanpassing van biomoleculen, celculturen, micro-organismen, planten en dieren.

Medische biotechnologie

In deze richting wordt meer aandacht besteed aan immunologie, parasitologie, medische microbiologie, moleculaire farmacologie en biomedische en klinische ingenieurstechnieken.

Agrobiotechnologie

Deze afstudeerrichting richt zich op de plantenveredeling en de moleculaire biotechnologie ten behoeve van de primaire plantenproductie. Daarbij wordt aandacht besteed aan plantaardige productiesystemen, moleculaire genetica, plantenbiotechnologie, moleculaire plantenfysiologie, plant breeding en moleculaire fytopathologie.

Meer info over de masteropleiding vind je hier.

Het einde is pas het begin.

Beeld je in. Je studies zijn prima verlopen en je mag je masterdiploma in ontvangst nemen. Je glimt van trots, en terecht. Want met dat diploma van jou ben je gewapend als geen ander om de arbeidsmarkt op te gaan. Maar welke richting ga je uit? Je hebt verrassend veel mogelijkheden en ook hier staat de VUB je bij.

Als bio-ingenieur kies je in elk geval voor een toekomstgericht beroep waarin de ontwikkeling en de duurzame productie van industriële grondstoffen, levensmiddelen, fijnchemicaliën en geneesmiddelen centraal staan. Met een bachelordiploma in de Bio-ingenieurswetenschappen beheers je de basisvaardigheden die noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van een nieuw biotechnologisch proces. En met een masterdiploma ben je in staat die basiskennis om te zetten in de praktijk. Als je de bachelor- en masteropleiding gevolgd hebt, krijg je de wettelijke academische ingenieurstitel. De titel van ingenieur is internationaal erkend en geeft aan dat je een wetenschappelijke en technische opleiding hebt afgerond.

Van onderzoeker tot manager in een oneindig aantal sectoren

Vaak start je als bio-ingenieur met een technisch-commerciële of een onderzoeksfunctie om later door te groeien naar het middenkader of een leidinggevende functie in de bedrijfswereld of elders in binnen- of buitenland. Je kan dankzij je brede vorming in tal van sectoren aan de slag: de landbouw-, de fermentatie- en de voedingsindustrie en aanverwante sectoren, chemie en fijnchemie, agrochemie, farmacie en fytofarmacie, milieubeheer en milieuwetgeving, de milieutechnologie en alternatieve energiewinning of biomedische sector. Je kan je bezighouden met veevoeders of meststoffen, levensmiddelen of chemische processen. Maar je kan eveneens een baan zoeken in de biotechnologische industrie voor de ontwikkeling van verbeterde planten, geneesmiddelen, vaccins... Ook bij de overheid, in het onderwijs, het onderzoek aan de universiteit of een onderzoeksinstelling, de (bio)informatica en in het domein van de ontwikkelingssamenwerking zijn heel wat bio-ingenieurs actief.

Bekijk tal van getuigenissen op de website www.bioingenieursaanhetwerk.be, die tot stand kwam door een samenwerking tussen alle Vlaamse universiteiten.

 

"De opleiding Bio-ingenieurswetenschappen is voor mij een perfecte mix van de verschillende takken van de wetenschap die studenten toelaat te ontdekken waar ze echt mee verder willen. Naast een brede theoretische basis krijg je ook een grote portie praktijklessen waarin je de theorie kan toepassen. Doorheen de jaren worden deze labosessies steeds groter en specifieker. Zo krijg je een goed beeld van de mogelijkheden die deze studierichting te bieden heeft. Een troef die de Vrije Universiteit Brussel typeert is dat de praktijksessies in kleine groepen doorgaan waardoor je steeds optimaal begeleid wordt en vragen kan stellen. Door het beperkt aantal studenten in de labo’s kan je altijd goed met alles meewerken en in alle stappen betrokken worden om zoveel mogelijk te leren tijdens de praktijksessies.”

Elyn Meert, Student bio-ingenieurswetenschappen, voorzitster van de Wetenschappelijke Kring 2014-2015

 

 

“Als algemeen directeur van Yakult België maak ik deel uit van het algemene management van het bedrijf. Op Europees vlak houd ik me nog bezig met wetenschap, alsook met de relaties met een heleboel externe organisaties. De voornaamste taak van de algemeen directeur is ervoor zorgen dat het team op de best mogelijke manier samenwerkt en dat aan het einde van het jaar de resultaten behaald worden. Zeer concreet vertaalt zich dat in een stukje personeelsbeleid, maar ook het opvolgen van budgetten en het opstellen van een jaarplan alsook de langetermijnstrategie. Het wetenschappelijk deel omvat o.a. het organiseren en opvolgen van onderzoeksprojecten in samenwerking met universiteiten, ziekenhuizen, instituten, enz. Goede relaties met vooraanstaande wetenschappers, alsook een goed inzicht in het recente onderzoek in het domein van probiotica en functionele voeding zijn daarvoor van groot belang. Een laatste belangrijk luik is het opvolgen van de snel veranderende nationale, Europese en wereldwijde wetgeving rond functionele voeding.”

Bart Degeest
Afgestudeerd in 1995 als Bio-ingenieur in de Cel- en Genbiotechnologie
Algemeen directeur bij Yakult Belgium nv en Science Fellow Vrije Universiteit