Algemene Plantkunde en Natuurbeheer
(APNA)
Homepage
van APNA
Lijst van APNA publicaties
De activiteiten van de onderzoeksgroep Algemene Plantkunde
en Natuurbeheer (APNA) concentreren zich enerzijds rond de studie
van biodiversiteit in het kader van fundamentele en toegepaste
aspecten van natuurbeheer. Anderzijds wordt onderzoek verricht
op het in-situ behoud en beheer van typen bosecosystemen en aquatische
ecosystemen in verschillende geografische regio's.
Bosecosystemen - Prof. Dr. N. Koedam; Dr. S. Godefroid en Prof. Dr.
F. Dahdouh-Guebas
In gematigde
streken concentreren de beheeractiviteiten zich op bossen in en rond
Brussel (bijv. Zoniënwoud), terwijl in tropische regio's evaluatie-,
inventarisatie-, restauratie- en monitoring-activiteiten volledig op
mangroven zijn toegespitst (o.a. in Kenia, Sri Lanka, India en Mauretanië).
In beide bosecosystemen worden teledetectie (remote sensing) en geografische
informatiesystemen (GIS) gebruikt als essentieële technieken en
worden regelmatige expedities opgezet om een tijdserie aan gegevens over
dynamiek van fauna en flora te verzamelen. Teneinde de resultaten in
een wijder perspectief te plaatsen worden socio-economische en/of ethnobotanische
studies uitgevoerd op dezelfde sites, om de relatie mens-milieu te begrijpen
en om tot geïntegreerde richtlijnen m.b.t. beheeraangelegenheden
te komen.
Biocomplexity - Prof. Dr. F.
Dahdouh-Guebas
Binnen het Biocomplexity Research Team proberen we te begrijpen en
te voorspellen hoe en waarom spatio-temporele dynamiek in vegetatie
en landschap plaats vindt. Er wordt gebruik gemaakt
van een retrospectieve aanpak met relevante methoden uit verschillende
disciplines (zeer hoge resolutie sequentiële teledetectie en terreinwerk,
socio-economisch surveyonderzoek, historische archieven,...),
een integratieve analyse (gebruik makende van geographische informatiesystemen,
multivariate
en multicriteria analyses,...) om zo een resultaat te genereren
die relevant zijn voor fundamenteel begrip van het ecosysteem
en voor diens beheer.
Binnen dit kader ligt ook een nadruk op ecologische en ethologische
plant-dier en mens-ecosysteem interacties. Mangrovewouden vormen
een belangrijk model
voor ons onderzoek.
Moleculaire Ecologie - Prof. Dr. L. Triest & Dr. F.
Van Rossum
Voldoende
genetische diversiteit is belangrijk voor het overleven van plantenpopulaties.
Een kleine populatiegrootte en beperkte verspreiding, o.a. door het effect
van habitatfragmentatie vormt een bedreiging voor verschillende plantensoorten
in Europa. De vorsers en studenten van deze groep onderzoeken de genetische
diversiteit van plantenpopulaties (o.a. van waterplantenvegetaties) en het
effect van habitatfragmentatie op gene flow (o.a. van Primula soorten) via
moleculaire technieken zoals isozymen, ISSR, AFLP, microsatellieten en chloroplast
DNA. Bestuivingspatronen en de effecten van corridors tussen deze plantenpopulaties
worden onderzocht via fluorescente pollen-analogen en reproductief succes.
Moleculaire technieken worden ook aangewend om introgressieve hybridisatie
te bestuderen tussen wilgensoorten (Salix alba en Salix fragilis) en om fylogeografische
dispersiepatronen te ontdekken op Europese schaal. In de tropen zijn papyrusmoerassen
en mangrovewouden onze modelsystemen. Naast de wetenschappelijke objectieven
dragen deze projecten ook bij tot een genetisch beheer en een aangepast behoud
van plantensoorten.
Limnologie (Aquatische ecologie) - Prof. Dr. L. Triest
Een goede ecologische toestand voor watergebieden en rivieren wordt
bepaald door de organismen die er voorkomen. De vorsers en studenten
van deze groep onderzoeken in ondiepe vijvers en meren de ecologie van
waterplanten en hun relaties met de overige functionele groepen zoals
het fytoplankton, zoöplankton en vissen. Ondiepe, eutrofe vijvers
kunnen zich in verschillende stadia bevinden, gaande van heldere tot
zeer turbide watermassa's. Zowel bottom-up factoren (relaties met abiotiek
en ecohydrologie) als top-down controle door vissen en zoöplankton
spelen een rol. Ons onderzoek moet leiden tot nieuwe inzichten in de
dynamiek van watergebieden en tot voorstellen van beheersmaatregelen.
De meer toegepaste limnologie houdt zich bezig met ecologische beoordelingsmethoden
van waterlopen door middel van waterplanten en kiezelwieren (diatomeeën)
in vijvers en rivieren van het Zennebekken. Tropisch onderzoek over de
dynamiek van papyrusmoerassen en over de biologische kwaliteit van waterlopen
in Oost-Afrika sluit hier bij aan. Naast de wetenschappelijke objectieven
dragen deze projecten ook bij tot een beter gefundeerd beheer van plantenpopulaties
en vegetaties in watergebieden.
Terug naar boven
Cellulaire Genetica (CEGE)
Homepage van CEGE
Lijst van CEGE publicaties
Genetica - Prof. Dr. M. Kirsch-Volders
Het onderzoek is gericht naar de genetische mechanismen
verantwoordelijk voor het kankerproces (metafase /anafase transitie
tijdens de celdeling). Op fundamenteel niveau wordt het evenwicht
tussen celproliferatie, genetische lesies, repair, mutaties
en geprogrammeerde celdood onder invloed van oxidatieve schade
en tubuline-inhibitoren onderzocht. De relatie tussen genotype
en fenotype/milieu wordt bestudeerd in vitro en in
vivo bij beroepsblootstellingen, in het bijzonder voor
DNA-herstel. Specifieke methoden voor de detectie van geno-toxische
effecten en van genetische susceptibiliteit werden ontwikkeld,
gevalideerd en toegepast voor biomonitoring.
Ontwikkelingsbiologie - Prof. Dr. L. Leyns
Eén van de uitdagingen van de ontwikkelingsbiologie
is het trachten te begrijpen hoe cellen hun positie
in het embryo kennen en hierop reageren door proliferatie, migratie
of differentiatie om uiteindelijk een organisme
te vormen. Dit probleem kan bestudeerd worden tijdens de gastrulatie,
de eerste hoofdstap in de vorming van een embryo. Gastrulatie begint
daar waar een embryo uit een duizendtal pluripotente cellen is samengesteld
en eindigt met een georganiseerd embryo bestaande uit drie kiemlagen
(ecto-, meso- en endoderm) en een antero-posterior en dorso-ventrale
polariteit vertoont. Het basislichaamsplan wordt dus in deze vroege
embryonale processen gevormd. In het
bijzonder bestuderen we de rol van de Wnt groei- en differentiatiefactoren
gedurende
de vroege ontwikkeling van muis-embryos en de differentiatie
van embryonale stamcellen.
Insectenfysiologie - Prof.Dr. ir. G. Smagghe
Het onderzoek concentreert
zich op het ontrafelen van de fundamentele processen die verantwoordelijk
zijn in de groei en ontwikkeling van insecten, in het bijzonder het unieke
proces van vervelling en metamorfose van rups over pop tot vlinder. B.v.
de rol van het insectenvervellingshormoon 20-hydroxyecdysone en andere
groeifactoren worden nader onderzocht. In dit onderzoek wordt gebruik
gemaakt van in vitro gekweekte insectencellen. De toepassing van
dit onderzoek situeert zich ook in de zoektocht naar nieuwe 'target'-sites
en biorationele moleculen die passen in een milieuvriendelijke controle
van resistente plaaginsecten.
Terug naar boven
Antropogenetica (DIER)
Lijst
van DIER publicaties
Prof. Dr. C. Susanne - Prof. Dr. R. Hauspie
Het wetenschappelijk onderzoek in het Laboratorium Antropogenetica
beoogt de studie van enerzijds de genetische factoren en anderzijds
de omgevingsfactoren die de groei en ontwikkeling van kinderen
bepalen. Diverse onderzoeksprojecten werden in de voorbije jaren
gerealiseerd, meestal in samenwerking met buitenlandse universiteiten.
Hierbij een bondig overzicht van de voornaamste thema's die hierin
behandeld werden:
- De studie van de invloed van ziekte op de groei, skeletale
maturiteit en geslachtelijke rijpheid bij patienten met asthma, mucoviscidose,
Turner syndroom, congenitale adrenale hyperplasie, en vitamine D-resistente
rachitis.
- De studie van de invloed van genetische factoren bij de groei
en ontwikkeling van gezonde kinderen en jonge volwassenen via verschillende
onderzoeken bij tweelingen.
- De studie van het effect van vervuiling door
lood in het milieu op de groei van kinderen en adolescenten.
- De studie van de invloed van ziekte (mazelen en kinkhoest),
voeding en seizoenvariaties op het lichaamsgewicht van
zuigelingen in een centraal-Afrikaanse populatie.
- Analyse van
individuele groeipatronen bij de mens door middel van wiskundige
modelisatie.
- Studie van de dynamiek van de menselijke groei,
t.t.z. de interactie tussen diverse aspecten van de groei
tijdens de kinderjaren, de adolescentie
en
de volwassenheid. Het effect van variatie in de maturiteit op de vorm
van het
groeipatroon en het
finale fenotype.
- De studie van de seculaire evolutie in de groei en
maturiteit, t.t.z. de veranderingen in ontwikkeling die men
vast stelt in de voorbije
deccennia.
- De studie van de invloed van LBW (Low Birth Weight), SfGA
(Small for Gestational Age) op de latere ontwikkeling van
jonge kinderen.
Terug naar boven
Ecologie en Systematiek (ECOL)
Homepage van Amphibia
Lijst van
ECOL publicaties
Plankton - Prof.Dr. N. Daro
Het controlemechanisme van de voedselactiviteit bij copepoden
(roeipootkreeftjes) in de Belgische kustwateren staat centraal
in het planktononderzoek. Speciale aandacht gaat hierbij naar
de abundantie, grootte en kwaliteit van de voedselbronnen. Zooplankton
in het algemeen en copepoden in het bijzonder vormen een essentiële
schakel binnen de aquatische voedselketen. Copepoden zijn betrokken
in de biogeochemische cyclus, de biologie en de evolutie van
het visbestand en zijn dus onrechtstreeks belangrijk voor de
visserij en onze eigen voedselbeschikbaarheid
Amphibian Evolution group - Dr. F.Bossuyt
Deze groep verricht onderzoek naar de evolutie van amfibieën, met moleculaire fylogenie als uitgangspunt. Daarbij worden verscheidene aspecten van evolutie bestudeerd, zoals morfologische diversificatie (adaptieve radiaties), historische biogeografie, feromoon- en gedragsevolutie, of de oorsprong en evolutie van verdedigingsstrategieën. Een belangrijk deel van het veldwerk gebeurt op het Indisch subcontinent. Voor de meest recente update van huidig onderzoek in dit labo, klik hier (http://www.amphibia.be).
Terug naar boven
Genetische Virologie (GEVI)
Prof.Dr. J-P. Hernalsteens
Homepage van GEVI
Lijst van GEVI publicaties

Historically, the group has studied for a long time the genetics of the oncogenic
Ti-plasmid of Agrobacterium tumefaciens and its applications in plant molecular
genetics and biotechnology. Presently, the two main research topics of the
group are:
Molecular bacteriology, in particular molecular typing and virulence mechanisms
of Salmonella enterica and pathogenic Escherichia coli strains.
Bacterial biotechnology, namely the development of live attenuated bacterial
vaccines.
Here are some of our research topics:
• Virulence factors and epidemiology of Shiga toxin producing Escherichia
coli
• Virulence factors of avian pathogenic Escherichia coli
• Live attenuated Salmonella vaccines for domestic animals
• Salmonella carrier vaccines
Terug naar boven